Welkom op Urk, welkom in de kerk

Borden met ‘Welkom op Urk, welkom in de kerk’ stonden vroeger op verschillende plekken op Urk. Een mooi tekst die gastvrij aandoet, een gastvrijheid met een diepere dimensie. Een gastvrijheid die oprecht het goede voor heeft met haar bezoeker. De borden, ooit door de gemeente Urk geplaatst, zijn verdwenen uit het straatbeeld. Heeft dit te maken met de ontkerkeling die ook op Urk gaande is? Of vonden we dit niet de meest aansprekende reclameboodschap om de gemiddelde toerist aan te spreken?  Toch raar, want we hebben aardig wat genootschappen in de aanbieding, zij het allemaal in het protestants-christelijk spectrum.

politieke verantwoordelijkheid
Het is dan ook niet zo gek dat op dit moment binnen de Christen Unie stemmen opgaan om opnieuw de borden te plaatsen met de tekst ‘Welkom op Urk, welkom in de kerk’. Eerder heeft de SGP hier al voor gepleit. Nader beschouwd ligt hier echter geen taak voor de overheid. Je moet als politiek niet de verantwoordelijkheid overnemen die de kerk zelf heeft. Dit nog los van de discussie over scheiding van kerk en staat. We leven in een vrij land met gelukkig godsdienstvrijheid verankerd in de Grondwet. Dit werkt zodanig door dat binnen de APV de kaders voor kerkelijke boodschappen heel ruim zijn. De kerk kan als zij dat wil vrijwel per direct borden plaatsen.

Ben je welkom?
Misschien vraagt u zich af waarom een christenpoliticus dan de kerk niet een handje kan helpen. Het antwoord is heel eenvoudig. Als politicus heb je niet in de hand hoe welkom je bent in de kerk. Waar kom je als gast terecht na een keuze te hebben gemaakt in de veelheid aan kerkgenootschappen en subvarianten? Hoe welkom ben je als je als jezelf naar binnen stapt? Ooit logeerde een vakantievriendin van mijn verkering op Urk, wilde dolgraag naar de kerk, maar de lieverd had geen rok bij zich. Ze had ook een iets andere maat dan mijn verkering. Voordat dit was opgelost bleef er nog weinig blijde boodschap over.
Als het bord met de tekst ‘Welkom op Urk, welkom in de kerk’ er toch moet komen, laten ze er dan in ieder geval een kerkwijzer en goede instructie bij doen. Ben alleen bang dat dan het bord te klein is.

Het mediacircus en de evangelisatietent

Burgemeester en Wethouders van gemeente Urk hanteren sinds kort een nieuw uitgangspunt bij tentevangelisatie op de haven. Alleen plaatselijke kerken komen nog in aanmerking voor een vergunning om hierbij een tent op te zetten. Als je niet van de ‘goede’ kerk bent, krijg je dus geen vergunning.

Het CDA op Urk kwam hierachter, doordat het Nederlandse Bijbelstudie Centrum de vergunning werd geweigerd voor een tent op de haven. Te gek voor woorden vond het CDA en vroeg opheldering aan Burgemeester en Wethouders. Ondertussen dook de pers erbovenop, waaronder vele dagbladen en Omroep Flevoland.  Geen wonder, want het ging om de vrijheid van godsdienst op Urk.

In de gemeenteraadsvergadering van 28 april 2011 stond het punt op de agenda. Daar bleek een meerderheid het een prima beleid te vinden om alleen plaatselijke kerken een vergunning te geven. Het CDA werd het door die meerderheid kwalijk genomen dat alles breedvoerig in de pers was uitgemeten. Dat was niet goed voor Urk zo zeiden zij. Dat is toch wel heel bijzonder. Een beleid waar ze achter staan, zien ze liever niet in de pers. Geven ze daarmee niet aan dat ze toch wel weten dat het beleid niet deugt? En dan het CDA die het beleid aan de orde stelt verwijten dat het in de pers komt. Dat is het zelfde als boos worden op de weerman, omdat die slecht weer voorspelt.

Het CDA trekt zich dan ook niets aan van die kritiek. Nog geen half uur na de raadsvergadering werkte het CDA mee aan een radio-interview van Omroep Flevoland. Niet alleen de vrijheid van godsdienst, maar ook de persvrijheid is een belangrijk goed.

Windmolenstem of stemmen waar het om gaat?

Nog even en op 2 maart kunnen we weer naar de stembus. Primair gaat het om het kiezen van de Provinciale Staten. Indirect is de uitslag bepalend voor de samenstelling van de Eerste Kamer. Daarmee staan in de landelijke media vooral de schijnwerpers gericht op de gevolgen van de coalitie. Halen VVD, CDA en PVV daar een meerderheid of wordt de Eerste Kamer de achillespees van het huidige kabinet. Velen zullen hun stem daarom laten leiden door de landelijke politiek.

Op Urk daarentegen lijkt het inmiddels of er maar één factor is die je stem kan bepalen. Wat zegt de partij over windmolens die bij Urk in en aan het IJsselmeer worden geplaatst. Minister Verhagen lijkt daarbij de Kop van Jut te worden als verantwoordelijk minister. Door anderen wordt daardoor het CDA maar al te makkelijk als bliksemafleider gebruikt. Ik poets echter niet weg dat het windpark in de huidige opzet een verkeerde keuze is. Niet alleen de belangen van Urk zijn geschaad. Uiteindelijk zal de onverantwoorde landschappelijke inpassing zich keren tegen grootschalige duurzame energievoorzieningen.

Moeten wij onze stem daarom laten leiden door het omstreden windmolenbesluit? Primair gaat het om het kiezen van de Provinciale Staten. Het CDA heeft een goed programma, ook in het belang van Urk. En voor zover de molens toch een rol spelen: De CDA-fractie (samen met CU en SGP) in de provinciale staten van Flevoland heeft zich altijd ingezet voor het laten vallen van de windmolens tussen de Ketelbrug en het Schapenpad. Ze krijgen niet alleen mijn stem, omdat ik lid ben van het CDA. Zij verdienen hem.
Secundair kunnen we ook het landelijk belang niet uitvlakken. Voor de coalitie van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV is een meerderheid in de Eerste Kamer niet onbelangrijk. Tijdens het CDA-congres van 2 oktober 2010 heb ik mijn steun gegeven aan de coalitie van VVD en CDA, gedoogd door de PVV. Die steun bevestig op 2 maart. Ook hier kan een omstreden windmolenbesluit niet leidend zijn. Uiteindelijk had elke andere coalitie (met veel linksere partijen) dit windpark even hard mogelijk gemaakt.

Natuurlijk kunt u er anders over denken en uw stem wel laten bepalen door het windmolenbesluit. Aan de kiezer die daardoor overweegt om in plaats van het CDA iets anders of helemaal niet te stemmen de volgende vraag: Had u dan ook niet gestemd op het CDA als het windpark voor de kust van Volendam gekomen was? Of had u zich er dan wat minder druk over gemaakt?

Politieke keuzes en principes

Van de raadsvergaderingen die ik als raadslid heb meegemaakt is tot op heden die van 27 januari 2011 de meest enerverende. Niet in de laatste plaats omdat ik namens de fractie van het CDA het woord voerde over de verwikkelingen rondom de invulling van het feest in de Koninginnenacht. De hiervoor benodigde evenementenvergunning was aangehouden, omdat binnen het college een meerderheid principiële bezwaren had vanwege het muziekprogramma. Deze gang van zaken was uiteindelijk reden voor het CDA om een motie van treurnis tegen het college in te dienen. Heftige reacties van met name de SGP en HvU waren het gevolg. Het raakte hun principes. Hoe kon het CDA beweren dat principes in deze zaak geen rol mochten spelen? Die uitleg stond op zich duidelijk in de motie, maar door de emoties in de vergadering kwam dit niet tot zijn recht. Reden waarom ik in deze column nader inga op principes in relatie tot de politiek.

Principieële keuze voor verbod erotische evenementen
Het eerste misverstand wat ik daarbij wil wegnemen is dat het CDA niet beweert dat principes geen rol kunnen of mogen spelen binnen de politiek. Een mooi voorbeeld daarvan is uitgerekend te vinden in dezelfde vergadering van 27 januari 2011. Aan de orde was het verbod in de APV voor het organiseren van erotische evenementen. Het CDA heeft ingestemd met dit verbod. Eerder heeft het CDA samen met de CU ervoor gepleit er geen vergunningstelsel aan vast te koppelen. Dit om te voorkomen dat de gemeente verplicht zou kunnen worden mee te werken aan een dergelijke evenement. Duidelijk een principiële keuze. Wel een principiële keuze die op geordende wijze volgens de juiste juridische kaders is gevolgd.

De Koninginnenacht in relatie tot principes
In dat laatste zit het grote verschil met de verwikkelingen rondom de evenementenvergunning voor het feest in de Koninginnenacht. Het kader voor die vergunning is vastgelegd in de APV. Daarin staat dat de burgemeester bevoegd is tot het verlenen van de vergunning. Conclusie: alleen al om die reden is het geen zaak van de wethouders. Voorts is in de APV bepaalt dat eventuele gronden voor het weigeren van de vergunning alleen gelegen kunnen zijn in de openbare orde en veiligheid, milieuhinder en de volksgezondheid. Duidelijk zaken die los staan van de vraag of je het principieel eens bent met de muziekkeuze. Juridisch gezien is het dus helemaal fout dat wethouders zich tegen de vergunningverlening aanbemoeien en zeker als daarbij andere belangen de boventoon voeren dan de zaken waarom het draait in de APV. Uiteindelijk is de APV een kader dat zelf door de gemeenteraad is vastgesteld. Iets waar het college zich aan dient te houden, ongeacht wat hun politieke kleur is.

De andere kant van de medaille
Als we kijken naar het evenement in de koninginnenacht dan blijkt juist dat deze een cruciale rol speelt in het belang van de openbare orde en het tegengaan van hinder. De jeugd heeft behoefte aan een plaats waar ze elkaar op leuke wijze kunnen ontmoeten. Zonder dit evenement vullen ze de nacht op eigen wijze in met alle gevolgen van dien. Dit betekent ook dat het feest in de koninginnenacht voldoende attractiewaarde moet hebben voor de jeugd. Persoonlijk heb ik respect voor principiële bezwaren. Maar ik wil wel wijzen op de andere kant van de medaille. Waar gaat de jeugd naar toe als er geen feest op de haven is? Waar komen ze dan terecht zonder dat de ouders weten waar? Een attractief alternatief wordt door niemand geboden. Reden voor het CDA om er in dit geval hard in te gaan. Niet om principes te kwetsen. Maar juist om duidelijk te maken dat de kaders reeds in 2008 zijn gelegd toen de huidige APV raadsbreed is aangenomen. Juist om te voorkomen dat de jeugd terecht komt in een situatie die helemaal niemand wil.

adders en apen bij aankoop industriegrond

Je hebt een geweldig plan voor je bedrijf. Na een hoop gedoe over de financiering een perceel kunnen kopen op het Urker bedrijventerrein. Mooie locatie en goede aansluiting op de A6. Vol goede moed ga je aan de slag. Bij aanvang bouw komt er opeens een addertje onder het gras vandaan. Het perceel blijkt een stuk hoger te liggen dan de weg. Gemeente heeft namelijk alle percelen opgehoogd met grond. Grond die zij kennelijk over had. Lijkt heel onschuldig, maar opeens blijkt dat afvoeren van grond wel heel duur is. Schade: duizenden euro’s. Verder in het traject komt er nog een aap uit de mouw. Er is nog geen hoofdinfrastructuur aanwezig voor aansluiting elektriciteit. Gemeente verwijst u door naar de kabelmaatschappij. Aanleg kan, maar u moet wederom veel duizenden euro’s extra betalen. Inmiddels hopen dat de bank niet de stekker uit het project gaat trekken.

Inmiddels zijn een aantal bedrijven geconfronteerd met bovenstaande zaken. Het college van burgemeester en wethouders heeft, na vragen van het CDA, inmiddels aangegeven de problemen te onderkennen en te zoeken naar een oplossing. Ondertussen vroegen zij echter wel de gemeenteraad in te stemmen met een herziene grondexploitatie. Een herziene grondexploitatie waarin op geen enkele manier rekening is gehouden met bovenstaande problemen. Om die reden heeft het CDA in de raadsvergadering op 25 november 2010 tegen de herziene grondexploitatie gestemd. Andere partijen stemden voor. Voor stemmen  zonder in debat te gaan, zonder enig weerwoord aan het verhaal van het CDA…

Schijndilemma rond veerdienst Urk – Enkhuizen

Vroeger had Urk een veerdienst tussen o.a. Enkhuizen en Urk. Na de inpoldering is deze voortgezet als toeristische attractie. Door dalende belangstelling verdween deze. Tot ruim een  jaar terug.  De laatste twee zomervakanties werd een veerdienst onderhouden met de ‘Willem Barentz’ door een ondernemer uit Enkhuizen. Dit jaar loopt de vergunning af. Een nieuwe vergunningaanvraag is inmiddels ingediend. Er is echter ook een Urker ondernemer die een plan heeft voor een veerdienst. Een heel mooi plan met naast de veerdienst horeca aan en op het water, vispromotie en een bijdrage aan het nautisch onderwijs. Prachtig. Ook deze ondernemer diende een aanvraag in.

De twee vergunningaanvragen stelden het college voor een dilemma. Wie van de twee krijgt de vergunning? Wethouder Ben Visser stelde daarom een notitie op waarin beide plannen werden beschreven. De economische betekenis van beide plannen werden daarbij tegenover elkaar gezet. Vervolgens mocht de gemeenteraadscommissie op 13 oktober 2010 haar voorkeur aangeven. Het begin van een politieke wanvertoning. Eerst deden beide aanvragers voor ogen van de pers en publiek hun zegje. Daarna buitelden partijen over elkaar heen om te laten blijken dat ze nog meer dan de ander voor het plan van de Urker ondernemer gingen. Alsof er iets te kiezen viel. Alleen het CDA maakte duidelijk dat de keuze in het geheel niet mag worden bepaald door wie het mooiste plan heeft. Amper een jaar eerder heeft de gemeenteraad de havenverordening vastgesteld. Hier zijn de kaders vastgesteld voor het verlenen van een vergunning voor een veerdienst. Gewoon het boekje volgen en dan volgt zelf wie wel en niet in aanmerking komt voor een vergunning. Economische motieven kunnen en mogen daarbij geen rol spelen.

Het circus denderde op 13 oktober 2010 echter onverdroten voort. Heel jammer, want het was politieke armoede ten top. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Waar is de ambtelijke dienst die een wethouder of college hiervoor behoedt? Of was het de wethouder die op eigen houtje handelde? Inmiddels is echter het kwaad geschied. Hoe kan in deze zaak het college nog onafhankelijk een besluit nemen? Uiteindelijk is de hele gang van zaken slecht voor het ondernemersklimaat op Urk. Hoe wordt vanaf Enkhuizen gekeken naar de kwestie? Urk is dan wel geen eiland meer, maar net als vroeger is het wel prettig en van levensbelang zaken te kunnen doen met de ‘wal’. Dat geldt in het bijzonder voor de veerdienst, want die moet ook aan de andere oever aan kunnen leggen……